Richtlijnen voor de wegkapiteins. Hoe gaan we te werk en waar moeten we allemaal rekening mee houden om een georganiseerde groepsmotorrit goed en veilig te laten verlopen, en wat te doen als het toch fout loopt? Hebben we de gegevens van alle wegkapiteins die meerijden? Telefoonnummer, naam. Hebben we de telefoonnummers van de organisatie? Ritverantwoordelijke. Hebben we een routebeschrijving? Gps-bestand, plan of bolletje-pijl, aantal meerijdende motorrijders, aantal wegkapiteins, aantal grote oversteekplaatsen, aantal verkeerslichten. Controlelijst: telefoonnummer verzekering, telefoonnummer politie, telefoonnummer ambulance / brandweer, Europees ongevallenformulier, formulier burgerlijke aansprakelijkheid. Briefing voor het vertrek aan de motorrijders: De rondrit is ongeveer ……km. We rijden achter de koprijder in een normaal tempo onder begeleiding van de wegkapiteins zodat de rit veilig kan verlopen.Tijdens de rondrit wordt er niet ingehaald, geen bruuske rembewegingen, geen stoplichtsprinten, ... We rijden geschrankt in groep en op kleine wegen achter elkaar, zover mogelijk rechts. Veelvuldig in de spiegels kijken voor inhalende wegkapiteins. Als de koprijder stopt, om welke reden dan ook, stopt de hele groep en die vertrekt pas terug wanneer de koprijder beslist dat het veilig is om verder te rijden. Als er een kruispunt niet vrij is, moeten de voorrangsregels gevolgd worden. Bij deze wensen we jullie een aangename rit. Wettelijke bepalingen inzake de wegkapitein: Wanneer motorfietsers met ten minste twee in groep rijden op een weg met rijstroken, moeten ze niet achter elkaar rijden. Ze mogen in dezelfde rijstrook in twee evenwijdige rijen geschrankt rijden, met een voldoende veiligheidsafstand onderling. Wanneer de rijbaan niet verdeeld is in rijstroken, mogen ze niet meer dan de helft van de rijbaan in beslag nemen. Als het kruisen onmogelijk is moeten zij desgevallend achter elkaar rijden. De motorfietsers die in een groep van meer dan 50 deelnemers rijden, moeten vergezeld zijn van ten minste twee wegkapiteins. Groepen van 15 tot 50 deelnemers mogen vergezeld zijn van ten minste twee wegkapiteins. De wegkapiteins waken over het goede verloop van de tocht. Deze wegkapiteins moeten ten minste 25 jaar oud zijn en een retroreflecterende veiligheidsvest dragen, waarop in zwarte letters op de rug |
het woord “wegkapitein” voorkomt. Op kruispunten waar het verkeer niet geregeld wordt door verkeerslichten, mag ten minste één van de wegkapiteins het verkeer in de dwarswegen stilleggen op de wijze bepaald in artikel 41.3.2 terwijl de groep oversteekt. De wegkapiteins zijn in het bezit van een verkeersbord van het type C3. Gedragscode van de wegkapitein: Wegkapiteins hebben een voorbeeldfunctie, probeer jezelf een beetje te gedragen en geen halsbrekende toeren uit te halen. Begeleiden is geen race; de wegkapiteins halen de groep zo veilig mogelijk in, en proberen bij het invoegen in de groep de deelnemers niet te hinderen. Wegkapiteins onderling halen elkaar niet in, tenzij de ene invoegt en duidelijk teken doet dat zijn achterligger hem mag voorbij gaan. Voor, tijdens en na het begeleiden geen alcoholische dranken nuttigen zolang we als wegkapitein op het evenement aanwezig zijn. De remmen, banden en lichten van de motor moeten technisch in orde zijn. Als wegkapitein neem je best geen duorijder mee. Zorg altijd voor beschermende kledij: handschoenen, helm, lange broek, vest (best voorzien van extra bescherming). Vergeet het C3- bordje niet; dit is er om gebruikt te worden. Het fluovestje van de wegkapitein wordt enkel tijdens de rit gedragen, dus voor en na het evenement kan je dit best uitdoen. De marshal-badge mag je alleen dragen bij een MAG-evenement/rondrit. Bepaling van de hulpwegkapitein: Hulpwegkapiteins (deputies) zijn in het leven geroepen om hen in eerste instantie voor te bereiden op de opleiding wegkapitein. Als hulpwegkapitein kan je regelmatig deelnemen aan onze opfristrainingen. Onder de deskundige begeleiding van de wegkapiteins (marshals) mag je ook meedoen aan begeleidingen van ritten; eerst als temporijder of afsluiter om alles goed in de gaten te houden en te observeren. Als hulpwegkapitein mag je niet op eigen houtje een kruispunt afzetten, alleen onder toezicht (stap voor stap) van een aangewezen wegkapitein, de zogenaamde peter. De marshal-badge: Deze felbegeerde marshal-badge ontvang je nadat je minstens een jaar actief hebt meegewerkt bij het wegkapiteingebeuren, zoals evenementen en/of begeleidingen van rondritten. De marshal-badge wordt alleen gedragen bij MAG-evenementen, rondritten, bij de testmotoren en dergelijke. Richtlijnen begeleide rondrit: Bepaalde volgorde die we hanteren bij het begeleiden van een groep. “Koprijder”, “Wegkapiteins”, “Temporijder”, “Motorrijders”, “Afsluiter”. Bij de briefing wordt er ook aan iedere motorrijder duidelijk gemaakt “wie wat is”: koprijder, wegkapitein, temporijder en afsluiter. |